woensdag 13 april 2011

Ja, écht alles.

En om de stelling te bewijzen dat in mijn leven alles altijd goed komt, ook al lijkt het zo fout te gaan: de langstudeerdersboete wordt een jaar uitgesteld! Is die SGP toch nog ergens goed voor...

Ik doe nog altijd mijn uiterste best om deze zomer klaar te zijn (eerlijk is eerlijk, ik vind het inmiddels ook wel tijd worden), maar ik heb ondervonden dat er altijd hobbels in de weg zitten (zoals tegenslagen, verkeerde inschattingen, afwezigheid van mijn begeleider) en 2.500 woorden per week produceren, naast een 32-urige werkweek en exclusief redigeerwerk, gewoon héél erg ambitieus is. Zeker als er tussen de bedrijven door ook nog verhuisd moet worden.

Dus wellicht wordt het een paar maanden later. En dat is nu oké, zonder drieduizend euro van meneer Halbe Zijlstra aan mijn broek te krijgen. Ja, echt alles komt goed.

woensdag 6 april 2011

Alles komt goed

Nu ik zo ongeveer 30% van mijn scriptie op papier heb staan, mag ik weer heel even aan iets anders denken. Ik durf nog even niet stil te staan bij hoeveel van die dertig procent bloed, zweet en tranen ik straks weer zal moeten schrappen als het arendsoog van mijn scriptiebeleleider mijn woorden, mijn zinnen en mijn alinea's van onder tot boven met de uiterste nauwkeurigheid heeft nagekeken. Niet aan denken.

Niet aan denken en er gewoon maar van uit gaan dat het allemaal wel goed komt zoals alles in mijn leven uiteindelijk altijd wel goed komt. Een zondagskind ben ik dan wel niet letterlijk, maar des te meer in spreekwoordelijke zin. Alles komt bij mij altijd goed. Zelfs als het zo hard fout lijkt te gaan. En toch maakt dat me ook bang. Zo las ik ooit eens op mijn favoriete website, PostSecret, het volgende geheim:

Ik had dit kunnen schrijven. Dit geheim is het mijne. Deze angst is de mijne. Waar zal het fout gaan? Wanneer ga ik onderuit en hoe hard zal ik vallen?

De tijd zal het leren. Vooralsnog gaat het echter allemaal geweldig, want het nieuwe huis is gezocht en gevonden. Als alles gaat zoals het moet gaan, tekenen we volgende maand. Dan gaan we weer verkassen, naar een leuke bovenwoning vlak bij het station en vlak bij de duinen. En zo komt alles goed.

woensdag 9 maart 2011

Verhuisbericht 2.0

Welnu: nog voordat je goed en wel gesetteld bent, krijg je alweer te horen dat je je biezen mag pakken. Ironisch genoeg las ik de mail met de boodschap 'het huis dat jullie huren is verkocht, dus maak binnen een half jaar dat je wegkomt' nét toen ik thuiskwam met een stapel bierkratten voor de housewarming.

Blijkbaar maken een likje verf op de muren, een paar flessen bleek door badkamer/keuken en een knus allegaartje aan meubels zo'n groot verschil dat je je uitgewoonde appartement ineens wél kunt verkopen voor een bedrag dat ik er zelf niet voor zou willen neerleggen.

Maar goed. Zo gaan die dingen dus.

Als mijn sporadische lezers ergens een huisje/appartement/bovenwoning in Castricum (of omgeving, excl. Limmen) weten, dan hoor ik het natuurlijk bijzonder graag! 1 juli moeten we de boel hier weer leeg hebben... en terug naar het (bijna) lege nest? Nee, bedankt.

donderdag 10 februari 2011

Op een bierviltje

Zo knap, dat iemand anders meteen begint met schrijven, op een bierviltje bij gebrek aan ander papier, en het aan iedereen laat lezen, en krast en streept waar nodig, zonder zich druk te maken om het verloop van het verhaal, de aanleiding, het vervolg, of wat iedereen ervan zal denken.

Ik heb dat niet. Ik staar voor me uit, type af en toe wat, houd delete en backspace dan maar weer eens ingedrukt en uiteindelijk produceer ik gewoon niets.

Misschien dat ik dat ook maar gewoon eens moet doen: in het midden beginnen, de eindeloze beschrijvingen de deur uit en gewoon midden in een dialoog, midden in een verhaal de draad oppakken en maar zien waar die naartoe leidt.

maandag 7 februari 2011

Just a thought

Is het niet vreemd dat je me in het winkelcentrum stoïcijns voorbij loopt, misschien wel zonder me te herkennen, maar je toch mijn vriend wilt zijn op Facebook? Natuurlijk drink ik niet met elke Facebook-vriend wekelijks een biertje, maar als er niet eens hallo wordt gezegd... Ik accepteer geen friend request van iemand voor wie ik niet eens mijn hand opsteek in de supermarkt.

donderdag 6 januari 2011

Verhuisbericht

Mijn kamer is mijn kamer niet meer.

Ook al kon ik me voorstellen hoe het zou zijn om mijn eigen kamer te verlaten, mijn bureau leeg te halen dat in de loop der jaren zo verzadigd was met oude rommel dat ik geen flauw idee had wat voor nieuwe levensvormen zich in achterin de laatjes en kastjes hadden ontwikkeld. Mijn oude kamer is nu bijna leeg; komende week haal ik de laatste spullen op.

Mijn huis is mijn huis niet meer.

Het ouderlijk huis heb ik verlaten. En ergens voelt het alsof ik verstoten ben, in plaats van uit eigen wil vertrokken. De vreemde ruzies bij de verhuizing geven me het gevoel nooit meer echt terug te kunnen gaan, alsof er iets gebroken is dat nooit meer gelijmd kan worden. Ik weet niet wat ik heb misdaan en ik kan het niet goedmaken.

Dat steekt. Het zorgt voor onrustige slaap, vreemde dromen over stoffige zolders vol oude koffers met mysterieuze familiegeheimen, plotselinge flarden van herinneringen aan dingen die nooit meer terugkomen.

---

Maar laat ik één ding heel erg duidelijk maken: samenwonen is heerlijk. Het nieuwe huis voelt na een ruime week al echt als thuis. Geen twijfel over mogelijk.

vrijdag 17 december 2010

Verplicht onthaasten

's Ochtends was ik al sceptisch. Toen ik met mijn fiets de eerste knisperende bandensporen in de maagdelijke sneeuw maakte, op weg naar het station, werd mijn zicht belemmerd door smeltende kristallen die zich in mijn wimpers nestelden. Het viel. Het bleef vallen. Het zou blijven vallen. De hele, hele, hele dag lang.

Maar de trein reed, zonder vertraging, en ik stapte in. En hoewel ik me erop had voorbereid dat ik meer dan een uur later als laatste op kantoor aan zou komen, was ik de eerste. Ik startte de computer op, zette koffie en ging aan de slag. Althans, dat probeerde ik. Want het was alsof de witte laag die de wereld in mysterie hulde ook helder denken in de weg stond. Steeds gleed mijn blik naar buiten, naar de vlokken die maar bleven vallen. Berichten druppelden binnen. Vertraging. Uitvallende treinen. De NS-website lag eruit. De GVB-website ook. Geen bussen meer. Beperkt trams en metro's. Ik moest misschien iets eerder naar huis, dacht ik. Een uur of vier, vijf?

Toen bereikten mij berichten over 20 of zelfs 30 centimeter sneeuw, nog meer ellende op komst, afgesloten tunnels en zelfs mensen die op de snelweg liepen. Het was half twee. Ik ging naar huis.

Volgens het bord bij de tramhalte moest ik 10 minuten wachten. Nee, 9. Nee, toch 3, of toch 7, of 2? Ik ben nog nooit zo blij geweest de koplampen van de tram in de verte te zien opdoemen. Mijn mond krulde in een spontane, oprechte glimlach. De mensen om mij heen leken deze vreugde niet te delen. Naast mij in de tram zat een jongen als een dove kanarie mee te kwelen met zijn iPod, maar het kon me niet deren. Ik was onderweg naar huis. De tram rééd!

Ik haalde diep adem en liep (in gedachten met fingers crossed, duimend, hopend, smekend en biddend tot een God die vast niet bestaat) Centraal Station in. Intercity reed niet, dan maar de sprinter naar Uitgeest en zwoegend te voet door de polder. De trein stond klaar, maar het duurde, en duurde en duurde...

Tot uiteindelijk werd omgeroepen dat er toch een intercity ging. Half Amsterdam Centraal stroomde naar het perron, dat al snel zwart zag van de mensen. En daar kwam ie aan gedenderd, in de verte, slechts vier wagons lang. Het mag een wonder heten dat ik er nog bij kon, dat hij überhaupt nog kon rijden met zoveel mensen erin.

Op Sloterdijk hadden ze minder geluk: terwijl mijn medepassagiers en ik toch wel om de situatie konden lachen, vanuit die warme en droge trein, zagen verkleumde passagiers op Sloterdijk de deuren voor zich dichtgaan, en de trein aan zich voorbijgaan.

Wat een middag. Om een uur of 3 was ik thuis, en het was magisch: overal sneeuw, meer dan ik ooit gezien had. Het viel in dikke vlokken uit de lucht en af en toe werd er wat uit de boom geblazen. Overal stonden mensen foto's te maken van hun straat die in een sprookjeswereld was veranderd. Iedereen was rustig, want iedereen besefte dat er toch niets aan te doen was, behalve verplicht onthaasten en genadeloos genieten van die wonderlijke winterwereld.

's Avonds laat stak ik een alinea in het dikke pak sneeuw op de tuintafel: 28 centimeter.